Wat is het verschil tussen Box 2 en Box 3 bij aandelenbezit?

     

    Box 2: Aandelen in een aanmerkelijk belang
    Als je meer dan 5% van de aandelen of certificaten in een bedrijf bezit, wordt dit een aanmerkelijk belang genoemd. De inkomsten uit deze aandelen, zoals dividend of verkoopwinst, worden belast in Box 2.

    • Belastingtarief:
      Alle inkomsten uit een aanmerkelijk belang worden belast in Box 2 volgens het geldende belastingtarief.
    • Wat valt hieronder?
      • Dividenduitkeringen: Dit is een uitbetaling van winst door het bedrijf.
      • Winst bij verkoop: Als je je aandelen verkoopt voor meer dan de aankoopwaarde, betaal je belasting over de winst.

    Box 3: Aandelen als onderdeel van je vermogen
    Als je minder dan 5% van de aandelen in een bedrijf bezit, worden deze aandelen beschouwd als onderdeel van je privévermogen. Inkomsten uit deze aandelen worden belast in Box 3, samen met je spaargeld en andere beleggingen.

    • Belastingtarief:
      In Box 3 wordt niet direct gekeken naar je werkelijke inkomsten, zoals dividend, maar naar een fictief rendement op je totale vermogen. Dit fictieve rendement wordt belast tegen een door de Belastingdienst bepaald fictief rendement.
    • Wat valt hieronder?
      • De waarde van de aandelen op 1 januari van het belastingjaar.
      • Eventueel dividend telt niet afzonderlijk mee, omdat Box 3 alleen het totale vermogen belast.
      • Dividend wordt belast met 15% dividendbelasting en dit bedrag kan worden teruggevraagd via de jaarlijkse aangifte door kleine beleggers. Dividend is derhalve uiteindelijk geheel onbelast.

    Box 3 is fiscaal gunstig voor de kleine beleggers, zoals medewerkers met een klein percentage aandelen in de onderneming. Vanaf 2025 zijn er wijzigingen in box 3 en wordt de belasting berekend op basis van de werkelijk gemaakte rendementen. Kijk hiervoor op de website van de Belastingdienst. Maar ook wanneer de aandelen op basis van werkelijk rendement worden belast, dan is box 3 nog steeds heel fiscaal aantrekkelijk voor de kleine belegger/medewerkeraandeelhouder door de heffingsvrije voet en dividend. Dividend is aantrekkelijk, aangezien dividendbelasting kan worden teruggevraagd door de particuliere belegger en derhalve uiteindelijk 100% onbelast. 

    Rekenvoorbeeld Box 3

    Voorbeeldberekening (2024) – Huidige situatie

    Stel, je hebt €70.000 aan aandelen en geen andere bezittingen en je hebt geen partner.

    • Heffingsvrij vermogen: €57.000
    • Belastbaar vermogen: €70.000 - €57.000 = €13.000
    • Forfaitair rendement op beleggingen: Ongeveer 6,04% in 2024.
    • Berekend rendement: €13.000 × 6,04% = €785
    • Belasting: 36% van €785 = €283 aan belasting.
    • Dividend is geheel belastingvrij (in 2 stappen: 85% wordt uitgekeerd door de onderneming en 15% ingehouden dividendbelasting kan worden teruggevraagd door particuliere belegger bij de jaarlijkse belastingaangifte)

    Voorbeeldberekening (2024) – Nieuwe situatie

    Gegevens:

    • Vermogen: €70.000
    • werkelijke rendement 15% (waardestijging en dividend)
    • Werkelijk rendement: 15% → €70.000 × 15% = €10.500 rendement
    • Heffingsvrij vermogen: €57.000 (huidig bedrag in 2024, kan nog wijzigen in 2027)
    • Belastingtarief: 36% (huidig %, kan ook nog wijzigen in 2027)

    Berekening:

    1. Belastbaar vermogen: €70.000 - €57.000 = €13.000
    2. Belastbaar rendement: Het werkelijke rendement op het belastbare deel is:
      • €13.000 × 15% = €1.950
    3. Te betalen belasting:
      • 36% van €1.950 = €702

    Terug naar FAQ